De klokkenluider

Elke maandagmiddag begeleidt voormalig burgemeester Hans Günter Schärf een Stadtführung, met aansluitend een bezichtiging van de Glockenturm (auf eigene Gefahr).
altehaus Sankt AndreasbergElegante schoenen aandoen tijdens deze tocht door de geschiedenis is een slecht plan, want Hans Günter weet de wandeling tot wel drie uur op te rekken.

Al lopend door de Bergstadt verhaalt hij van de eerste hutjes ergens in de 15e eeuw, via de mijnbouw en de kanariekwekers, tot anekdotes uit de tijd dat hij burgemeester van Sankt Andreasberg was. 

altehaus Sankt Andreasberg

Zijn familie luidt al vele eeuwen de klokken van het gele ‘kerkje’ boven op de berg, dat bestaat uit een klokkentoren met een woonhuis ernaast. Hans-Günter Schärf woont er nu zelf. Last van het gebeier van de klokken heeft hij niet; dat went. Met drie man aan een touw trekken om de klepel in beweging te zetten hoeft niet meer. Elke 26 uur het uurwerk opwinden, zoals zijn moeder moest doen, is ook niet meer nodig. Het luiden gaat tegenwoordig volautomatisch. De gemeenschap stelt het echter wel op prijs als Hans-Günter de deuren van de houten toren openzet als de klokken oproepen tot kerkgang of luiden bij bruiloften en begrafenissen. Dan klinkt het gebeier extra hard en hoeft niemand het te missen.  

altehaus Sankt AndreasbergVroeger fungeerde het klokkengelui ook als luchtalarm, bij bosbranden of een ongeluk in de mijn. En als wekker voor de mijnwerkers, om ze wakker te maken voor een nieuwe lange werkdag onder de grond. Lastig wakker te krijgen waren ze, want de nachten waren kort voor de Bergleute. Bovendien waren ze vaak onder invloed van drank, aangezien goedkope schnapps tot de secundaire arbeidsvoorwaarden behoorde. Hans-Günter weet te vertellen dat de echtgenotes van de mijnwerkers ’s avonds graag nog wat borrels inschonken voor hun mannen. Zodat ze gelijk in slaap zouden vallen in bed; kinderen hadden de gezinnen immers al genoeg.